Het belang van een gezamenlijke implementatie- en uitvoeringsagenda

Terug 24 augustus 2021

Het belang van een gezamenlijke implementatie- en uitvoeringsagenda

Een belangrijk onderdeel en rode draad binnen alle thema's in de Beleidsnota Drinkwater is samenwerking. Dit is een goed voorbeeld van een 'lesson learned': uit de evaluatie van de vorige editie van deze beleidsnota bleek vooral dat het ontbrak aan een uitvoeringsagenda. Dit keer is de aanpak gelukkig anders, aldus directeur Hans de Groene van Vewin.

'Bij de evaluatie van de Beleidsnota Drinkwater 2014 bleek dat er een flinke rol was toebedeeld aan het Rijk, maar dat de overige stakeholders eigenlijk te weinig eigenaarschap voelden', aldus De Groene. 'Daardoor kwam de uitvoering niet voldoende gestructureerd tot stand. Mede op aanbeveling van de Beleidstafel Droogte is er daarom bij de huidige beleidsnota voor gekozen om een nota op hoofdlijnen te maken, en de activiteiten en maatregelen om de doelen van het drinkwaterbeleid te realiseren verder uit te werken in een implementatie- en uitvoeringsagenda. Daarmee is de huidige beleidsnota vooral agenderend van aard en zijn nog niet op alle onderdelen beleidskeuzes gemaakt. Elk van de zes thematische hoofdstukken van de nota eindigt met een lijst van actiepunten die in de implementatie- en uitvoeringsagenda aan de orde moeten komen.'

'Het is de bedoeling dat alle stakeholders deze uitdagingen gezamenlijk oppakken. Dat wil zeggen: het Rijk – met name de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) – samen met de provincies, de gemeenten, de waterschappen, de drinkwaterbedrijven en daar waar nodig: andere betrokken partijen. De afspraken die in de ambtelijke werkgroep van de beleidsnota tussen deze partijen worden voorbereid, worden nader besproken in het directeurenoverleg en vervolgens definitief gemaakt in de Stuurgroep Water.'

Lees verder in Waterspiegel 2, juni 2021


Dit artikel verscheen eerder in de Waterspiegel

Tags by dit artikel

Delen via: