Wet collectieve warmtevoorziening

8 februari 2021

Wet collectieve warmtevoorziening

De voorliggende Wet collectieve warmtevoorziening beoogt het draagvlak voor het product warmte te vergroten. Het wetsvoorstel beoogt: groei van collectieve warmtesystemen te bevorderen door nieuwe spelregels (marktordening); transparantie in de tariefstelling;  aanscherpen van vereisten voor leveringszekerheid; zeker stellen van de verduurzaming.

Warmtenetten spelen een belangrijke rol in de energietransitie. Dit zal de komende decennia leiden tot grootschalige uitrol van nieuwe warmtenetten. De omvang van ondergrondse kabel- en leidingnetten en het aantal graafactiviteiten zal daardoor enorm toenemen. De samenhang daarvan met al aanwezige infrastructuur, zoals drinkwaterleidingen, zal tot knelpunten leiden als daar onvoldoende aandacht voor is. In veel stedelijke gebieden is het inmiddels al zo druk in de ondergrond dat er nauwelijks tot geen ruimte is voor nieuwe kabels en leidingen. De impact van uitrol van warmtenetten op al bestaande ondergrondse kabels en leidingen is daardoor groot. Het wetsvoorstel dient kaders te bieden om dit knelpunt in goede banen te leiden. Stimulering van aanleg van warmtenetten kan niet zonder een goede oplossing te bieden voor het ruimtevraagstuk rond kabels en leidingen in de bodem.

Ongewenste opwarming van drinkwater voorkomen

In de Drinkwaterwet is een wettelijke temperatuureis voor drinkwater vastgelegd van maximaal 25 °C. Aan het borgen van die temperatuurvereiste is een groot volksgezondheidsbelang verbonden. Overschrijding van die norm kan namelijk leiden tot ontwikkeling van gezondheidsbedreigende micro-organismen. Wanneer warmtenetten en drinkwaternetten in de bodem te dicht op elkaar worden gelegd zal warmte-uitstraling uit warmtenetten leiden tot overschrijding van deze temperatuurnorm voor drinkwater en gezondheidsrisico's veroorzaken. Er zullen bij de uitrol van warmtenetten waarborgen moeten zijn om opwarming van drinkwater in het leidingnet te voorkomen. Er zijn regels nodig, niet alleen voor de organisatie van warmtenetten, maar ook voor de aanleg daarvan in de bodem. Het voorkómen van opwarming van drinkwater dient een randvoorwaarde te zijn bij vergunningen voor aanleg van  deze netten. Gemeenten dienen inhoudelijk toe te zien dat warmtenetten ook daadwerkelijk op een juiste wijze worden aangelegd.
-Neem het voorkómen van opwarming van drinkwater op als randvoorwaarde voor vergunningen voor aanleg van warmtenetten
-Regel adequaat toezicht en handhaving door gemeenten op een juiste aanleg van warmtenetten

Effecten op drinkwaterinfrastructuur meewegen in de plan- en besluitvorming over warmtenetten

De publieke drinkwatersector heeft via de Drinkwaterwet de wettelijke taak om iedereen die daarom verzoekt van kwalitatief goed drinkwater te voorzien. Tevens hebben drinkwaterbedrijven tot taak het tot stand brengen en in stand houden van de infrastructuur voor de productie en distributie van drinkwater. Tegenover deze belangrijke maatschappelijke opdracht moeten rechten en waarborgen staan om daar op een goede en kostenefficiënte wijze aan te kunnen voldoen.

Alle ingrepen in de ondiepe ondergrond hebben direct gevolgen voor de daar al aanwezige infrastructuren. Aanleg van warmtenetten kan voor de drinkwaterbedrijven  leiden tot de noodzaak om maatregelen te treffen en tot vroegtijdige vervanging en versnelde afschrijving van de infrastructuur. Aanleg van warmtenetten heeft daardoor consequenties voor doelmatig assetmanagement van drinkwaterbedrijven. Bij aanleg van warmtenetten moet afwenteling van kosten op de drinkwaterklant worden voorkomen. Het principe 'kostenveroorzaker = kostendrager' dient hierbij uitgangspunt te zijn.
-Creëer waarborgen dat bij besluitvorming over uitrol van warmtenetten de impact op de drinkwaterinfrastructuur integraal wordt meegewogen en afwenteling van kosten wordt voorkomen; de kostenveroorzaker moet de kostendrager zijn

Waarborg geordende ligging van ondergrondse infrastructuur

De ondiepe ondergrond in stedelijke gebieden is vol. Een adequaat kader met eisen en randvoorwaarden is hier cruciaal om alle opgaven in goede banen te leiden. Deze goede ordening van de ondiepe ondergrond zal tot stand moeten komen in samenspraak met betrokkenen die belangen hebben in de ondergrond. Er is daarbij behoefte aan een veel sterkere regierol en coördinatie van gemeenten, in een juiste balans met de autonome bevoegdheden en verantwoordelijkheden van netbeheerders zelf. Hierbij dienen werkwijzen gevonden te worden die leiden tot integratie van de verschillende opgaven (energietransitie, klimaatadaptatie, vervangingsopgaven voor bestaande infrastructuur), die recht doen aan alle belangen en opgaven in de bodem en die leiden tot maatschappelijke optimalisaties. Vroege betrokkenheid van netbeheerders in planvormingsprocessen is hierbij cruciaal.
-Creëer waarborgen in gemeentelijke verordeningen voor een geordende aanleg van ondergrondse infrastructuren en voorkoming van ongewenste onderlinge beïnvloeding
-Waarborg wettelijke waarborgen voor vroegtijdige betrokkenheid van netbeheerders bij planvormingsprocessen

​​

Download standpunt

Delen via:

Gerelateerd aan dit standpunt